Diagrammen
In deze test moet je kiezen welk diagram hoort bij de onderlinge relatie van een groep woorden. Om dit duidelijker te maken hier een voorbeeld:
make-up, lippenstift, oogschaduw

Bij deze drie woorden is make-up (de buitenste cirkel) een categorie waarbinnen lippenstift en oogschaduw (de kleinere cirkels) vallen. Lippenstift en oogschaduw hebben onderling geen relatie, vandaar dat de cirkels naast elkaar staan en niet overlappen.
Hier volgt nog een voorbeeld:
toiletartikelen, make-up, mascara

Nu is de buitenste cirkel toiletartikelen, make-up de middelste cirkel en mascara de binnenste cirkel. Dit komt omdat toiletartikelen de grootste categorie is, daaronder valt make-up en daaronder valt weer mascara. De categorisatie gaat hier van groot naar klein, vandaar dat ook de cirkels van groot naar klein lopen.
Zoek de onderlinge relatie tussen de volgende woorden en kies het juiste plaatje dat de relatie beschrijft. Veel succes!